Drie startups geselecteerd op EyeforTravel om in de gaten te houden

Op het Eye for Travel congres begin mei werden een aantal startups geïntroduceerd die de reisbranche sneller, beter en sterker maken. We zetten er drie op een rij voor je.

1. What3words

Ooit weleens lang gezocht naar een specifiek adres drie hoog achter? Je weleens afgevraagd hoe een ambulance bij het juiste hutje komt in een township, of op een drukbezocht festival? En al die Churchstreets in London, welke is de juiste als je daar een pakketje mag afleveren? What3words biedt een oplossing. De wereld indelen in vierkantjes van drie bij drie meter en aan elk vierkantje ‘random’ 3 woorden toekennen. Geen ingewikkelde coördinaten of onduidelijke ‘maps’ meer maar de locatie in slechts drie woorden benoemd. Je kan what3words gebruiken als app of online kaart en is met enkele regels code te integreren in een bestaande app of website.

What3words is de winnaar van de Start-up Awards op EyeforTravel Europe 2017, al zijn ze eigenlijk geen start-up meer. Het is simpel, snel en geeft een relevant antwoord op een specifieke vraag. Het zijn kenmerkende eigenschappen van ook de volgende twee start-up’s die zich presenteerden op Eyefortravel.

2. Daytrip

Amerikanen die naar Europa komen zijn niet gewend hier te rijden en willen dat ook vaak niet. Een chauffeur willen ze wel. Daytrip speelt hierop in door betrouwbare, lokale chauffeurs aan te bieden die de Amerikaanse toeristen van deur A naar deur B brengen. De Engels sprekende chauffeur informeert en begeleidt ook bij lokale uitstapjes. De planning maakt de klant vooraf online. Het systeem kiest de chauffeur erbij.

Community

Vanuit het hoofdkantoor in Praag zet Daytrip in op digitale marketing met accent op ppc-advertising en social, specifiek gericht op de ‘well to do’ Amerikaanse toerist. Hun team van 12 mensen bestaat uit developers en medewerkers klantenservice.

Chauffeurs werven ze door eerst zelf een ritje bij ze te boeken, via Uber. Het is ‘piggybacking’ op het succes van Uber en vooral slim. Als de chauffeur inderdaad een ‘5 star driver’ is, wordt hij opgenomen in de community. Een community waar de chauffeurs tips en ervaringen onderling delen. Momenteel rijden er 200 chauffeurs voor Daytrip rond in o.a. Polen, Slovenië, Hongarije, Oostenrijk, Italië, Kroatië en Montenegro. In 2018 verwachten ze 1000 chauffeurs actief aan het werk te hebben.

3. Taal hulp van Whym

Een andere start-up die ook bestaande arbeid activeert en koppelt aan een specifieke vraag is Whym. Whym is een app voor ‘live-translation’ door een professionele vertaler voor reizigers die op dat moment een echt perfecte vertaling nodig hebben. Een situatie waarin accuraatheid er werkelijk toe doet en Google Translate niet voldoet. De Whym app is te downloaden in diverse talen. Whym biedt ook affiliate programma’s aan voor hotels, autoverhuurbedrijven, touroperators, evenementenorganisaties en luchtvaartmaatschappijen om als vertaaltool medewerkers te ondersteunen in hun klantencontact.

Service

Daytrip en Whym zijn beide marktplaatsen die opereren in niches met een relevant, gepersonaliseerd en snel beschikbaar aanbod, met andere woorden een echte service. De user interface is simpel. Het zijn succesfactoren die op EyeforTravel vaker benoemd worden, juist om die millennials te kunnen bereiken. De vraag voor Whym is of het als native app onderscheidend genoeg is, wellicht is integratie in toepassingen van derden of een chatbot als Facebook Messenger vereist om te overleven. Want kijkend ook naar het succes van What3words zien we dat technologie die ons leven simpeler maakt, een echte service biedt, snel geadopteerd wordt.

Meer lezen over start-up’s op Eye for Travel? Lees dan ook dit artikel.

Het succes van een digitale bestemming: Wonderful Copenhagen

Als ’markets conversations’ zijn dan is ’marketing a story’, aldus Thomas Christensen, art director van de DMO Kopenhagen en verantwoordelijk voor #visitcopenhagen. 365 dagen per jaar is hij met zijn team actief op Facebook, Twitter, Instagram en de website om het verhaal van Kopenhagen te vertellen. Zijn uitgangspunt: destinatiemarketing hoeft niet veel geld te kosten, het vraagt wel om goede contentcreators en steeds minder projectmanagers.

Destinatiemarketing voor echte mensen

Voor Thomas zijn campagnes achterhaald. Campagnes zijn volgens hem gebaseerd op de gedachte dat mensen op een paar vaste momenten in het jaar boekingen doen.

’Real people’ zoals hij ze benoemt, boeken op die momenten dat het hun uitkomt en dat kan elke dag van het jaar zijn. De campagne Wonderful Copenhagen is gewijzigd naar #visitcopenhagen, met succes.

Als DMO is hij met zijn team meer en meer een ’publisher’ van verhalen over de bestemming Kopenhagen. Het lijkt allemaal heerlijk creatief en vrijblijvend, maar niets is minder waar. Ze maken een content planning en de taken zijn onderling zo verdeeld dat een ieder doet waar hij goed in is.

Structuur en samenwerking

Het team treft elkaar elke week voor een ’friday morning breakfast’, natuurlijk staand genuttigd. Ze plannen alle content een week vooruit en bespreken de leerpunten. Die ideeën voor de content zijn niet ’just for fun’, maar gebaseerd op dat wat werkt.

Hun uitgangspunt is Do -> Learn ->  Reflect -> Apply —> Do – > etc.

Als belangrijke tools om het werk te kunnen doen, toont hij o.a. zijn iPhone. En benoemt een drone, een Go Pro en een fototoestel, allen visuele tools.

Foto weapons in destinatiemarketing

Op zijn fiets fotografeert en filmt hij actuele hotspots in Kopenhagen. Een teamgenoot bewerkt het filmpje, voegt elementen als slow motion of juist versnelling toe en volgens de planning wordt het gepubliceerd. Een belangrijke ontwikkeling die hij ziet bij het publiceren van content is dat we van scrollen, om de posts te bekijken, naar ’tapping’ gaan, en het bericht bijvoorbeeld in Insta stories plaatsen. 

De gebruikte content is ’not just fun’

Het bepalen van de content gaat in drie stappen:

  • Observe; waar praten de mensen over. Het object van de foto/video is niet het belangrijkste, wel de conversaties er over.

Is dat bijvoorbeeld de cirkelbrug in Copenhagen (Cirkelbroen) dan volgt stap 2:

  • Create; bijvoorbeeld met een drone een korte video maken van die brug. Zo maken ze steeds nieuw materiaal, waarbij het naar zijn idee vooral van belang is dat het niet ’overproduced’ is. Is het materiaal klaar, dan volgt stap 3:
  • Boost; het publiceren van het materiaal op alle kanalen, in het juiste format volgens de gemaakte planning. Die ’Boost’ geldt voor nieuw materiaal maar mag volgens hem ook hergebruik van bestaande content zijn. Die hele populaire foto van kerstmis in Tivoli post hij gerust jaar na jaar in december.

Contentcreators

Thomas stelt zich bescheiden op als het gaat om de resultaten van de inspanningen van ’365 days digital branding’.

Zijn team verzorgt ook de Copenhagen card, werkt samen met de internationale pers, verzorgt de inhoud van inflight magazines en organiseert workshops en beurzen (b2b).

Liever benadrukt hij de uitdaging voor de toekomst: goede contentcreators vinden en opleiden. Van de berichten die bezoekers en inwoners zelf op de #visitcopenhagen kanalen plaatsen, vindt hij maar 30% goed genoeg om te re-posten.

Projectmanagers zijn volgens Thomas steeds minder nodig, wel contentmakers en ’influencers’ om met de juiste ’story’ de conversatie met die bezoeker, die toerist aan te kunnen gaan.

Technologie en vertrouwen, vertrouwen en technologie: case ‘logeren bij de boswachter’

Wat is de wereld toch mooi als we elkaar vertrouwen. De kampeerplaatsen van Staatsbosbeheer zijn beter gevuld sinds de kampeerder zelf ter plekke zijn boeking en betaling regelt. Een boekingszuil bij de ingang van het kampeerterrein fungeert ’seamless’ als gastheer en als betaalloket. De conversie neemt toe en de boswachter kan weer het bos in.

Gemak

”Als het zoek- en boekproces makkelijk genoeg is voor de klant en aansluit bij zijn persoonlijke beleving, dan doet de klant veel zelf. Het is de stellige overtuiging van Ate van der Meer van Snakeware. Hij is een van de partners die Staatsbosbeheer heeft begeleid bij de ontwikkeling en implementatie van het online reserveringssysteem op de website en de boekingszuilen. Ate ziet een duidelijke trend dat de conversatie met de boeker buiten het eigen domein (de website) van het bedrijf gaat plaats vinden. Hij verwijst naar de de bots die nu de klantgesprekken voeren op sociale kanalen zoals Facebook messenger. De transactie moet dan ook meer en meer in die omgeving waar die klant graag is, gaan plaats vinden. Bij Staatsbosbeheer betekent dat daadwerkelijk het bos in.

Scheerlijntickets

Giel Mollema, productmanager kamperen, legt uit dat Staatsbosbeheer van een natuur- naar een verhuurorganisatie moest transformeren vanwege de vermindering van subsidies.

Op de website van Staatsbosbeheer kon de kampeerder al een kampeerplek reserveren. Extra is dat die boekingen nu ook spontaan, ter plekke, kunnen worden gedaan. Ondertussen vindt 40% van alle kampeerplekboekingen nu al aan de bestelzuil in het bos plaats. En dreigt een kampeerplaats vol te raken, dan ziet Ate al mogelijkheden om die klant via zijn smartphone tijdig te berichten.

Intuïtieve ux

En komen er nu niet alleen maar wildkampeerders? Giel geeft aan dat de boekingszuil na betaling een sticker print om aan de scheerlijn te bevestigen. De boswachter die minimaal een keer per dag komt kijken, controleert deze tickets. ”Maar wij vertrouwen onze gasten”, benadrukt Giel. ”Het is natuurlijk een specifieke doelgroep maar wij hebben ook bewust nergens slagbomen of hekken gezet. De uitdaging is om die klant in zijn customer journey zo ver te krijgen dat hij ergens naar toe gaat en zichzelf meldt en betaalt. Mede dankzij de intuïtieve grafische interface is dat gelukt.”
Een belangrijke toegevoegde waarde van de inzet van deze boekingszuilen is dat de boswachters in plaats van receptionist/bewaker nu doen wat ze leuk vinden; educatie, verhalen vertellen en met de kampeerders op excursie het bos in.

Technologie biedt kansen

Staatsbosbeheer is tevreden over de resultaten en een uitbreiding met o.a. de mogelijkheid tot bijboekingen aan de bestelzuil is in gang gezet. ”Met de juiste technologie en gespecialiseerde partijen een slimme propositie ontwikkelen om de klant te benaderen zal steeds meer de taak van de marketeer worden”, voorspelt Ate.

“Als marketeer moet je de technologie meer en meer begrijpen om het contact met klanten niet te verliezen.”

Deze blog is geschreven naar aanleiding van een sessie tijdens de Vakantiebeurs Vakdagen. Wil je op de hoogte blijven van alle presentaties tijdens de vakdagen?

Lees hier meer over de whitepaper die TravelNext binnenkort publiceert en meld je aan!

Innovatie in travel: recap van innovatie cases tijdens Emerce eTravel 2016

Ik bezocht het e-Travel congres met in mijn achterhoofd de zinnen van David Mattin van Trendwatching.com: Vraag niet aan klanten wat ze willen, zij weten het (nog) niet. Kijk naar innovaties, want het zijn de innovaties die verwachtingen van klanten gaan bepalen. Als voorbeeld noemde hij het effect van het gebruik van Uber: we willen steeds korter wachten op een taxi. Hoe gaan nieuwkomers als Luckytrip, Wandertab, Hellotrip en succesvolle partijen als Skyscanner onze verwachtingen en gedrag bepalen?

Innovatie

In zijn stevige en snelle presentatie ‘Grow better products, faster benoemde Jeroen Tjepkema van Measureworks het innovator’s dilemma. Als bedrijf heb je klanten, je weet dat er nog nieuwe klanten binnen te halen zijn maar dat vraagt om verandering, om innovatie. De kunst is om even ‘down hill’ te gaan om er weer veel sterker uit te komen.

Ook volgens Tjepkema draait de markt zich om en is vragen aan klanten wat ze willen, verleden tijd. Hij illustreert dit met het Kodak moment. Kodak die grotere camera’s ging maken omdat klanten dat vroegen. Toen kwam de iPhone. De rest is historie.
Tjepkema benadrukt tevens het belang van snelheid. Van lean en van iteratief handelen.

Startups

Mike Ferguson van Skyscanner, de wereldwijde prijzenvergelijker van vliegtickets, accommodaties en autoverhuur, toont de zaal startups met volgens hem interessante kenmerken: Luckytrip en Hitlist. Luckytrip: ‘Where will luck take you’ is een app die vanuit een aangegeven budget een reisplan voorstelt, vergelijkbaar met initiatieven als Srprs.me.

Luckytrip

Hitlist biedt de wandertab, een extensie die je toevoegt aan je Chrome browser. Elke keer als je een venster opent, krijg je een reisaanbieding te zien ondersteund door een uitnodigende full screen foto. Kenmerken van beide zijn: inspiratie, fysiek dichtbij, simpele ux en gevoed door o.a. Skyscanner.

Hitlist

Skyscanner is ondertussen een stap verder gegaan in het op de huid kruipen van de boeker. Een Skyscanner bot voor Facebook Messenger waarmee je direct vanuit Facebook een vraag kan stellen aan Skyscanner.

Nog een app?

Wat deze stap ook laat zien is dat de Skyscanner app naar de achtergrond lijkt te verdwijnen. Ferguson zegt hierover: “Er zijn nu 3 miljoen apps beschikbaar. Uit onderzoek gebaseerd op Android gebruikers blijkt dat we eigenlijk maar een paar apps geregeld gebruiken”. Het onderzoek kon ik niet vinden, maar ik denk dat we dit allemaal herkennen. Een telefoon vol apps, maar je gebruikt er maar enkele. Ondertussen lanceert ook Apple iMessage apps voor ‘third party developers’.

Machine learning en big data

Deze voorbeelden van samenwerking leiden voor de reiziger tot meer gemak. Zoals Skyscanner zelf zegt: ‘make travel as hassle free as possible’.

HelloTrip, bij monde van Saeed Younessi, ziet in lijn hiermee de opkomst van ‘a passive way of booking’. Al in 2017 kan de reiziger zijn creditcardgegevens afgeven aan HelloTrip en die maakt dan de boeking in de daarop volgende periode, op het juiste moment voor de klant (lees: de gunstigste prijs).

know when to buiy

Hoe doet HelloTrip dat? HelloTrip maakt gebruik van machine learning en big data om aanbevelingen te kunnen geven. Uit de enorme hoeveelheden data die we met zijn allen genereren en hebben gegenereerd, halen ze betekenis. 

Bijvoorbeeld: wat is nu het beste moment om een vliegticket te kopen. Tot nu toe is die informatie nogal diffuus. Juist ook omdat vliegtuigmaatschappijen gebruik maken van ‘yield management’ om voor elke stoel de beste prijs te krijgen, ziet de reiziger steeds wisselende prijzen. HelloTrip wil juist naar minimale kosten voor de gebruiker door met ‘machine learning’ zinvolle verbanden te ontdekken, te leren en de juiste aanbevelingen te kunnen geven. Leren is vooral door ervaring (en inzicht) de prestatie verbeteren.

Zo kan bijvoorbeeld de Zweedse spoorwegen aan haar reizigers vertragingen voorspellen die nog niet gaande zijn.

Empowered travel buyer

Meer voorbelden van ‘machine learning’ zijn Google Destinations, waar Rianne van der Loo, industry manager bij Google later over vertelt. 

En Google NoW, dat onze reisassistent wil zijn door pro-actief de juiste informatie op het juiste moment te bieden. Localization blijft hierbij een belangrijke ontwikkeling.

Localization wordt ook genoemd door David Martin van Acapture, gericht op internationale betalingen. De meer dan ooit ‘empowered travel buyer’ verwacht meteen de juiste taal en valuta aangeboden te krijgen.

Gemak zit ook meer dan ooit in de user experience (UX). De stijl hiervoor is door Airbnb definitief gezet geeft ook Acapture aan: meteen een ‘searchbar’, kaarten (maps), duidelijke content en beperkte formulieren.

Voice search

Voice search is een snel opkomende technologie die ons leven ook gemakkelijker maakt. Alexa van Amazon of Google Home staan straks in de huiskamer is de voorspelling. We reoepen een vraag, en krijgen snel antwoord. Voor aanbieders is het grootste effect hiervan dat vragen steeds meer in ‘lopende’ zinnen gesteld gaan worden. De content die de gestelde vragen gaat beantwoorden, moet hierop aansluiten. We gaan weer terug naar het gesprek!

De dag na e-Travel ontving ik op Whatsapp het bericht: ‘ Innovatie 2016: de rekening van bijv. een etentje voortaan delen en direct betalen via Whatsapp met Tikkie van ABN Amro’. Het bericht komt van een ABN Amro ‘official’ binnen mijn familie. Onbedoeld sluit het aan op een van de conclusies van het bezoek aan e-Travel. Integratie en (nog steeds) samenwerking. Samenwerken met bestaande spelers op de markt om daar te zijn waar de klant is. En die is bijvoorbeeld veel op Whatsapp.

Wat zeggen nu deze innovaties:

Dat samenwerking en integratie meer dan ooit tot toegevoegde waarde leiden.
Dat reizigers geïnspireerd, verrast en ondersteund willen worden, graag lui zijn (en steeds meer worden) en van voorspelbare en betrouwbare prijzen houden.
Dat het boekingsproces gemakkelijker en betrouwbaarder kan. Dat intelligentie van machines (artificial intelligence) en een technologie als voice search een steeds grotere rol gaan spelen, ook in travel.

En als wil je mee doen als speler in de reisbranche, je heel snel en flexibel moet zijn. Snel in handelen, snel in leren. En leren is ook kijken naar mensen. Die onvoorspelbare mens die in een ‘micromoment‘ beslist over de snelweg te gaan lopen om niks van Coldplay te missen.

Studenten: ‘Werken bij een OTA wil ik niet, dat is zo a-sociaal’

Het blijft stil in de klas als ik vraag wie bij een OTA wil gaan werken. Een studente licht de afwijzing toe: “Werken bij een OTA wil ik niet, vind ik zo a-sociaal”. Het zijn de woorden van een derdejaars HBO Toerisme aan de PXL Hogeschool te Hasselt.

“Hoe bedoel je dat?”, vraag ik enigszins verbouwereerd. “Nou dat je geen mensen ziet, geen contact hebt met mensen zoals je dat wel hebt op een reisbureau,” vult ook de rest van de klas aan. Het is duidelijk, klantcontact is leuk.

Ondertussen is het contact tussen reisaanbieder en reiziger voor een groot deel naar het online domein verplaatst. Maar is het daarmee a-sociaal geworden? En betekent deze resolute afwijzing een gat tussen studie en werkveld?

De werkgever

Vanuit de branche is bekend dat de OTA’s zelf ook aangeven: liever een medewerker met kennis van online marketing en minder kennis van de toeristische branche, dan andersom. Kennis van toeristische bestemmingen en uitgebreide topografische kennis is meegenomen maar maakt niet meer het verschil. De nieuwe medewerker moet wel de juiste informatie snel kunnen opzoeken en presenteren en vooral de weg kennen in de digitale wereld.

Uit de interviews gedaan door Reiswerk onder HR- managers, werd ook duidelijk dat HR-managers binnen de reisbranche selecteren op:

  • kennis van IT en marketing
  • kennis van data-analyse
  • pro- activiteit en klantgerichtheid

Op het door Reiswerk georganiseerde Future Proof Travel Employee, een employability event, wezen de uitkomsten in dezelfde richting: digitale vaardigheden en het kunnen lezen en analyseren van data strekken sterk tot aanbeveling. Van daaruit pro-actief zijn.

De mensen die instromen in Sportstadion, Corendon of de D-rt Groep komen lang niet allemaal van de toeristische opleidingen. Ze komen ook van marketing-, communicatie- of IT-opleidingen. En die laatste functies nemen toe. Jeroen: ‘We hebben op dit moment meer IT-mensen dan mensen op product. De IT-mensen geven ons de tools om klantgedrag te analyseren.’

De werknemer

De toekomstige werknemers zelf geven aan dat arbeidsvoorwaarden en contracten minder belangrijk voor hen zijn dan de relatie met je werkgever, met je baas. Het gaat al jaren minder om zekerheid in je baan. Deze tijdsgeest wordt bevestigd door het animo onder studenten om te boeken bij srprs.me, ‘een nieuw reisbureau waar je reist met je bestemming als verrassing’.

Luuk (student) herkent het beroepsbeeld dat Don (D-rt groep) schetst bij een deel van zijn medestudenten. ‘Velen denken dat het een soort pretopleiding is. Ik heb een tijdje op de frontoffice gewerkt en daar merkte ik dat het nog veel voorkomt dat studenten toerisme gaan studeren omdat ze graag reizen. Terwijl het daar niet om gaat in de branche. Het is uitdagende en dynamisch branche die steeds meer op het IT-vlak zit. Daar moeten studenten zich bewust van worden.’

Het onderwijs

‘Think of technology not as an ‘added’ complex layer but as a simplifier,’ vertelt Rachel Botsman, ‘a global thought leader on the power of collaboration and sharing through digital technologies’ op een TED bijeenkomst.

Ze zei het in 2014, het is nog steeds van toepassing. Technologie moeten we niet zien als een extra ingewikkelde toevoeging, technologie maakt bijvoorbeeld contact tussen mensen makkelijker, sneller en directer. De opleiding én de docenten moeten als eerste stap doordrenkt zijn van deze gedachte om de studie synchroon te laten lopen met de realiteit. En wat betekent deze gedachte voor het onderwijs? Een paar suggesties.

Eerstejaars

Allereerst, hoe eerder de bewustwording om datagedreven te ondernemen en niet meer met starre projectplanningen te werken, hoe beter. Een vak als data-analyse kan naar mijn idee meteen aan eerstejaars worden gegeven.

Een vak als data-analyse voor zo’n eerstejaar is dan vooral praktisch, wat in het onderwijs inhoudt: een case uit de praktijk, desnoods fictief. Bijvoorbeeld over een reisorganisatie die haar klanten en hun gedrag beter wil leren kennen om de website te optimaliseren. Wie kent ze niet. Uitgaande van de 4 leertheorieën van Kolb kan een vak als data-analyse als volgt worden opgebouwd:

  1. Concreet ervaren (‘sensing’): de website van een reisaanbieder bestuderen en daarbij de Google Analytics gegevens opvragen (desnoods oude of fictieve gegevens gebruiken).
  2. Waarnemen en overdenken (‘watching’): gedane acties bestuderen en daaruit conclusies trekken.
  3. Analyseren en abstract denken (‘thinking’): wat als we die Facebookadvertentie is targetten op 40+ vrouwen?
  4. Actief experimenteren (‘doing’): doen, proberen, leren, doen, proberen, leren, doen, etc.

Ik weet, het is een gesimplificeerd voorbeeld. Maar veelal worden studenten pas in een latere fase van hun studie op deze reflecterende manier van denken en leren gewezen. Het is een begin van de weg naar data-storytellers zoals Google ze noemt.

Srummend en agile werken

De werkgevers geven aan dat ze een pro-actieve houding van nieuwe medewerkers vragen. Ze zeggen dit omdat bedrijven steeds meer scrummend en op een ‘agile’ manier werken. In kleine multi-disciplinaire teams doelgericht werken, vaak aan een klein projectje dat onderdeel is van een groter project. Deadlines zijn niet meer het allerbelangrijkste, wel wat er bereikt, geleerd en ervaren wordt. Het vraagt om een lenigheid (‘agility’) van organisatie en mensen. Hoe eerder studenten dit ervaren, hoe beter zij straks aansluiten op de arbeidsmarkt.

Curriculum aanpassen

Naast een nieuw vak als data-analyse, moeten bestaande vakken veranderen. Marketing, letterlijk het naar de markt brengen van je aanbod, ontwikkelt mee met de technologische mogelijkheden. Studenten leren marketing uit boeken waarin over de 5 P’s wordt geschreven. Een handig hulpmiddel voor de positionering, maar de oefening wat is er in de laatste tien jaar veranderd aan die P’s van de marketingmix is zinvoller. Al zal menig student die oorspronkelijke functie van bijvoorbeeld ‘Plaats’ niet eens meer herkennen.

Organisatiekunde of management uitbreiden met onderwerpen als (nieuwe) verdienmodellen, Canvas model en online scorecards. Leren over van reserveringssystemen is handig, kunnen werken met webcare en analytic-tools noodzakelijk.

Een vak dat echt leuk gaat worden, schrijft de blogger, is Nederlands. Echt leren schrijven om het verhaal van het bedrijf professioneel te publiceren (storytelling), het verhaal te kunnen delen en SEO-fähig te maken, daar liggen nu de uitdagingen bij een vak als Nederlands. En dat blijft niet tot Nederlands beperkt, het geldt ook voor de buitenlandse talen. Tekst schrijven, denken in zoek- en trefwoorden, in ‘posts’ en blogs, het is belangrijker dan ooit. Evenals een nieuw vak als beeldbewerking en beeldverwerking om beeld van locaties te verzamelen, professioneel te publiceren en ook: Hoe presenteer je die grafiek met data op een aantrekkelijk en begrijpelijke manier aan het team.

Het zijn slechts enkele suggesties.

De mens

Toerisme opleidingen hebben hoog in het vaandel staan dat het gaat om service, om dienstbaarheid en klantgericht zijn. In de digitale wereld heet dat ‘user experience’ (UX). De basis is hetzelfde: het contact met klanten op een klantvriendelijke wijze uitvoeren.

Mensen blijven belangrijk in deze branche, daar is iedereen het over eens. En het is juist de mens die het verschil kan maken bij de inzet van technologie. Empathisch en dienstbaar. Het is de mens die alert en creatief (humorvol) mag reageren op berichten op social media. Dat blijkt nog een hele klus zoals bleek uit onderzoek van Corné Dijkmans.

Een ieder die te maken heeft met klanten is gebaat bij kennis van wat ‘digital’ wordt genoemd. De kapper, de fysiotherapeut, de hoefsmid, zij ontkomen er niet aan, alleen al om het maken van afspraken. Het betekent dat iedere beroepsopleiding structureel en vanaf het eerste jaar ruim aandacht moet geven aan kennis van dat digitale domein.

In de reisbranche is het product uiteindelijk informatie, en dus te digitaliseren. Maar ook al is dit product digitaal en levert het contact tussen aanbieder en klant enorme hoeveelheden data op, de weg naar het eindproduct toe vraagt om een juiste samensmelting van digitale en analoge vaardigheden als servicegerichtheid en empathie. Met andere woorden, het vraagt om sociale werkers met een stevig digitaal fundament. Verre van a-sociaal dus.

https://www.youtube.com/watch?v=48H8B0Nzsrs

De nieuwe travelagent volgens Skift.